
13 – 17 juli 2010
Het is dan
eindelijk zover. Het eerste brevet van 1200 kilometer in Nederland.
Om half 2
gaan Ineke, Rick en ik naar de sporthal om met de voorbereidingen te beginnen. Alles
klaar zetten, deelnemers inschrijven en vooral met iedereen even contact
hebben. De wethouder van sport van Zwolle komt tegen vijven voor een toespraak
en de officiële opening.
Omdat het erg
druk is op de snelweg en de deelnemers binnen blijven druppelen stellen we de
aanvang van de pastamaaltijd nog een half uurtje uit.

Na de
maaltijd komen de resterende deelnemers binnen. Uiteindelijk gaan 65 deelnemers
(van de 75 inschrijvers) van start. Eigenlijk nu maar 63 want op woensdagavond
starten er nog 2.
Om goed 8 uur
vertrekken we achter een voorrijderauto over de ring van Zwolle. Bij de afslag
naar Kampen moeten we het zelf doen. Meteen geven een paar deelnemers vol gas.
Hans
Wessels en Jan van Steeg stuiven er met dik 40 vandoor,
meteen gevolgd door Wim Rutten en Anco de Jong. De rest volgt in grote groepen
van 10 man of meer. De rij wordt gesloten door onder andere de stepper (Wim
Brink), Evelien Veerman, Jaap Bouman en de Ier Marc Farrelli.
Na ongeveer
30 kilometer zijn we in de Noordoostpolder en breekt een korte heftige bui los.
Even later in Urk is er een geheime controle. Cor van Hooft en Jan Pieter
Broekhoven geven ons hier een stempel. Nu volgt een lang stuk over de
Westerringweg. Na Lemmer komen we al snel in Nijemirdum. Hier is in het buurthuis
de eerste echte controle. De beheerder heeft het lekker druk, maar hij redt
het.
Een kop
koffie wordt genuttigd en ik ga weer. Het is nu donker en de verlichting van
mij lijkt niet te werken zoals het moet. De onderste voorlamp doet het niet en
de andere twee lampen staan te hoog afgesteld. Ik heb dan ook nauwelijks zicht
op de weg. Zolang ik in een groep blijf fietsen is er geen probleem, maar solo
rijden is lastig. Overigens moet je in Friesland goed op de weg letten want
soms liggen er schapen op het fietspad te slapen.
Ik blijf
meestal achter een groepje hangen en kom bij de Afsluitdijk. We blijken de wind
in de rug te hebben en vlotjes wordt deze lange dijk genomen. Aan het eind is
de weg opgebroken en via een paar smalle omleidingen komen we toch op het
Noord-Hollandse vasteland aan. Even later zien we de camper van JePe die als
tweede controle dienst doet.
We krijgen
broodjes en cola en nemen het er van. Na pakweg 20 minuten vertrekken we weer.
Het begint vrijwel meteen te regenen en soms ook behoorlijk hard. Het is lastig
om bij de groep te blijven want er wordt een paar maal verkeerd gefietst en
keren kost mij wat meer tijd, maar als we eenmaal in de Wieringermeer zijn gaat
het weer. We kruisen kris kras door het polderlandschap en passeren Middenmeer,
Niedorp en Alkmaar.
Anco de Jong
fietst door een stuk glas en krijgt een lekke band. Verder zitten er (als ik
het goed heb) ook Joop van Beek, Jos Odijk, Mattheu Brinke en (later) Tom
Hospes in het groepje. Tom sluit aan, nadat Peter de Rond aangegeven heeft te
stoppen met de rit. Hij heeft te veel problemen met zijn maag. Inmiddels was
ook Wim Brink (spierproblemen) en Maarten Rood (onbekend) al gestopt.
We gaan nu
langs Zaanstad in de richting van de pont over het Noordzeekanaal bij
Spaarndam. Daar moeten we even wachten tot de pont arriveert en krijgen
vervolgens van de veerbaas een stempel (controle 3) en water.
Na de pont is het even zoeken, maar we vinden de weg naar
Halfweg, waar we de ringdijk om de Haarlemmermeer gaan volgen. In Halfweg staat
een flatgebouw dat vele lamapen continu uit- en aan laat gaan, waardoor een
intrigerend effect ontstaat. Je Moet er gewoon naar kijken.
Langzamerhand
begint het nu licht te worden. Ook merk ik dat het tempo dat de groep
heeft (35 a 37 km per uur) mij eigenlijk
te snel is en ik laat me afzakken. Met een tempo van rond de 33 blijf ik de
groep nog lang voor me zien, maar uiteindelijk ben ik, na het verlaten van de
ringdijk, op mezelf aangewezen. Ik kom onder andere door Rijpwetering, waar
toerwinnaar Joop Zoetemelk heeft gewoond. Het is voorlopig een van de laatste
landelijke dorpjes.

Ik probeer een
track te laden in de GPS, maar ben niet ervaren genoeg en zie niet hoe het
moet. Dan maar navigeren op de routebeschrijving. Ik vind waar ik ben, maar al
vrij snel ga ik de mist in. Ik fiets te ver door over een weg en mis de
“Vliet”, waar we tijdlang langs moeten fietsen. Ik kom bij een toren die
genoemd wordt in de beschrijving, maar weet niet van welke kant ik zou moeten
komen. Een fietspad dat ik zou moeten volgen loopt al snel dood. Er zijn
allerlei wegopbrekingen en ik beland uiteindelijk in Hazerswoude Rijndijk.
Nu weet ik
zeker dat ik verkeerd ben en gok er op dat ik door een zuidelijk route aan te
houden buiten de drukke bebouwde kommen kom en daar makkelijker de route kan
vinden.
Ik volg de A4
een tijdje en kom via een industrieterrein eigenlijk al vanzelf langs de Vliet.
Deze kan ik een tijdje volgen, maar dan houdt het pad op. Weer verzeil ik in
allerlei nieuwbouwwijken. Ik herinner me dat ik ook op Way-points kan fietsen
en doe alsof de volgende controle in Maasdijk een Geo-cache is. Nu kan ik de
richting aanhouden waar deze zich bevindt. Dat blijkt zuidwestelijk te zijn.
Via een mooie landelijke route kom ik hierdoor in Wassenaar en vervolgens naast
de A44 in Den Haag. De Geo-cache route voort mij rechtstreeks Den Haag in en ik
passeer het centrum met de nodige nieuw- en hoogbouw.
Het zijn
mooie lange rechte wegen met niet al te veel stoplichten en zonder al te veel
moeite kom ik in Poeldijk. Hier wel veel stoplichten en slechte hobbelige fietspaden.
Uiteindelijk ben ik om 8 uur 38 op de controle. Ook zijn er al andere
deelnemers.
Na wat
drinken vertrek ik samen met Wim Rutten voor de volgende etappe.
Na een paar kilometer moeten we met de pont over Nieuwe
Maas. Het wordt al lekker warm en de frisse wind boven het water is prettig. Na
Rozenburg een paar bruggen en we komen op een smalle reep land tussen de
waterwegen. Het is grotendeels autovrij en de paden waar we over moeten fietsen
zijn heel prettig om te fietsen. Wat mij betreft een van de mooiste stukken van
de route. Met wat kleine onderbrekingen kunnen we ruim 30 kilometer lang door
dit recreatiegebied fietsen. Aan het eind van dit gebied ligt een tunnel onder
de Oude Maas. Er is een strook voor landbouwverkeer waar we gebruik van kunnen
maken (hoewel het officieel niet mag). Een bordje aan het begin geeft aan dat
de helling 6,7 % is en dat vraagt natuurlijk om tempo. De top komt op 87,3
km/uur te liggen.
In
Puttershoek, geboorteplaats van schaatser Kees Verkerk, gaan we terug naar de
reguliere wegen. Bij een tankstation langs de A16 (kort voor het Hollandsch
Diep?) nemen we een korte pauze. Wim en ik hebben dan weer gezelschap van een
groepje racefietsers, waaronder Joop van Beek.
We stempelen
in Geertruidenberg (C5) en vervolgen over eindeloze klinkerwegen. Na vertrek is
het even zoeken naar de juiste weg, maar na wat overleg wordt de juiste route
gevonden
Geleidelijk
aan worden de fietspaden en wegen nu minder van kwaliteit. Noord Brabant is
niet altijd even prettig om te fietsen.
We fietsen
van plaats naar plaats, naar plaats, naar plaats… Het wordt warm, het kwik komt
op 32 graden en de atmosfeer kan dit niet aan. Eerst zien we wat bewolking in
het westen opkomen, maar geleidelijk aan komt overal bewolking en wordt deze
donkerder. In de buurt van vliegveld Welschap (Eindhoven) zien we ook bliksemschichten in de wolken en
wordt het verstandig een schuilplek te gaan zoeken.
In Waalre zien we een kerk met een groot voorportaal. We
stallen de fietsen en wachten af. Dat wordt niet lang
want na een paar minuten barst het geweld los. Veel, heel veel wind en
evenzoveel regen. We zijn blij met onze goede schuilplek, hoewel het door de
wind nergens echt droog blijft. Het noodweer duurt ongeveer drie kwartier
waarna we besluiten om alvast maar wat te gaan eten. Naast de kerk zit een
pizzeria en we laten ons deze goed smaken.
Het is bijna
2 uur later als het weer droog is en we weer vertrekken. We hebben meteen maar
een controlestempel (C6) gehaald. Dit moest officieel in Valkenswaard, een paar
km verderop, maar dat was een vrije controle en dat kan ook ergens in de buurt.
Na
Valkenswaard gaat de route richting België, waar van Sint Huibrechts-Lille tot
Maastricht toe langs een kanaal over jaagpaden gefietst kan worden. Eerst het
Kempisch kanaal, later de Zuid-Willemsvaart. Tenminste dat was de bedoeling.
Bij het
oprijden van het jaagpad blijkt wat het noodweer van net heeft aangericht. De
paden liggen bezaaid met takken en bladeren. Zoveel dat je soms het wegdek niet
eens kunt zien. We
besluiten om het eerste stuk maar over te slaan. Er valt
gewoon niet te fietsen. Later wordt dit gelukkig wel beter en blijkt het
jaagpad een prima route. Wel is het lastig dat je een aantal keer van wegkant
moet wisselen en dat je bij zijtakken van het kanaal goed moet kijken hoe het
pad verder loopt.
We verwerken
nog een paar lekke banden en mijn voetpomp die ik altijd bij me heb is een
gewilde pomp.
Geleidelijk
aan wordt het avond en weer donker. De laatste kilometers bij Maastricht gaan
in het donker en dan is een donker jaagpad dat bezaaid is met takken niet
makkelijk om te volgen. Gelukkig weten de GPS-volgers de juiste route vast te
houden en komen we om een uur of 11 op de controle in Maastricht (C7).
Wanneer we
door de binnenstad richting Stay Okay gaan komt opeens Rick aangelopen. Hij zou
een deel van de bag-drop van Maastricht terug brengen naar Zwolle en zat met
een vriend iets te drinken op een terrasje terwijl ik er net voorbij kwam.
Ook
hier blijkt de storm te hebben toegeslagen. Een boom die in de Stay Okay stond,
heeft het loodje gelegd en is op de keuken gevallen. De rest van de Stay Okay
functioneert echter goed. Ivo, Gaby, Lars en ….. hebben gezelschap gekregen van
Harry Timmer, de man die de bag-drop verzorgt.
Ik ga
proberen wat te slapen en vraag of ze me na 2 uur weer willen wakker maken. Ik
dommel af en toe wel wat weg, maar echt slapen doe ik niet meer dan een half
uur. Ik vertrek rond half drie voor de terugreis. Ook Wim gaat weer mee. In
Maastricht pinnen we eerst nog wat geld en gaan dan noordwaarts. Het wil nog
niet echt vlotten en beiden hebben we last van slaperigheid. We pauzeren
regelmatig en onafhankelijk van elkaar. Bij daglicht blijkt de ravage van het
noodweer eens te meer en we zien diverse ontwortelde bomen.
Kort voor de
volgende controle bij Oirlo/Castenray (C8) fiets ik verkeerd en moet een aantal
extra kilometers maken. Op de controle zijn diverse andere deelnemers aanwezig
en de meesten nemen in het AC-restaurant aldaar een ontbijt.
Ik vertrek
alleen en duik Duitsland in. Meteen gaat het mis als ik een afslag vergeet,
maar kan dat redelijk goed met een paar extra kilometers extra oplossen.
Verderop bij Wesel overkomt me dit nog een keer en als ik dan op de route terug
ben, kan ik weer aansluiten bij wat andere deelnemers.
Hoewel ik nu
wel een track kan laden in de GPS, gaat het toch niet altijd goed. Op de een of
andere manier wordt de track na een tijdje corrupt en is dan niet meer te
gebruiken. Het levert geen probleem op, want ik ken vanaf Wesel de volledige
route uit het hoofd en heb dan ook geen beschrijving of GPS nodig.
In de loop
van de middag komen we in Rhade (C9). Wim en ik gaan bij de McDonald’s aan de
patat en cola. Als we weer vertrekken komen er net een aantal racefietsers
voorbij en we sluiten aan. Niet voor lang dit keer want het wordt heuvelachtig
en ik raak al snel achterop. De Granatsberg bij Klein Reken kent een echte
beklimming met dito afdaling. Ik kom er tot een top van 90,2. De hoogste
snelheid van de rit. Op het vlakke stuk na de Granatsberg haal ik Wim weer in,
maar de heuvels tussen Rorup en Billerbeck doe ik weer solo. De afdaling naar
Billerbeck is wat link, want er is fijn grind gestrooid en ik voel het
achterwiel wat wegtrekken. In Billerbeck achterhaal ik het groepje racefietsers
weer.
Na Billerbeck
is het relatief vlak en schiet ik lekker op. Wel heb ik al een tijdje het
gevoel dat het achterwiel wat zwabbert. Nu had ik net voor vertrek
geconstateerd dat er twee spaken in het achterwiel kapot waren en ik vrees dat
dat er meer geworden zijn. Als ik een tijdje later het achterwiel controleer
blijkt gelukkig dat het aantal nog steeds twee is. Geen zorgen dus.
Kort voor
Asbeck zie ik in een flits op een afdaling Maarten Klijnstra aan de kant van de
weg staan. Mogelijk wacht hij op zijn vader Jan, die ook mee doet. Ik vermoed
echter dat hij al een tiental uren achter ligt.
Na Ahaus weer
terug naar Nederland en 25 kilometer later ben ik in Hengelo op de 9e
controlepost. Het wordt een korte stop, want ik wil door om bijtijds in Zwolle
terug te zijn.
Ergens in de
buurt van Holten krijg ik weer gezelschap van Wim. Samen gaan we de Holterberg
over.
Na afloop van
de rit heb ik aan diverse buitenlandse deelnemers gevraagd wat ze het mooiste
stuk vonden en iedereen zei dat ze het Nationale Park “de Holterberg” het
mooist en meest verrassend vonden. Na de Holterberg en Hellendoornseberg ga ik
bij Luttenberg even bellen met het thuisfront om te zeggen dat ik over ongeveer
een uur in Zwolle ben.
In Heino gaat
een fotosessie en interview met de plaatselijke krant de mist in omdat er geen
fotograaf gevonden kan worden.
Als de zon
net onder is, komen we om kwart over 10 op de controle in Zwolle (C11).
Het is hier
een drukte van belang. We runnen als team de hele sporthal en er lopen een stuk
of 4 vrijwilligers rond, waaronder Ineke en Rick. Iris Boersbroek zit aan de
controletafel en geeft me het 11e stempel.
Als ik een
kwartiertje binnen ben loopt de spanning op. Anco de Jong kan ieder ogenblik
binnen komen want hij is al klaar met de tweede lus. Er wordt een spandoek met
finish opgehangen en om 22:30 (50 en een half uur na de start) gaat Anco over
de finish.
Ik twijfel
wat ik nu zal doen. Meteen door of een tijdje pauzeren en wat proberen te
slapen. Ik kan geen keuze maken en hang maar wat (relaxt) rond. Uiteindelijk ga
ik zonder geslapen te hebben rond half 1 weer op pad. Al snel wordt duidelijk
dat het gebrek aan slaap toch van belang is want het loopt voor geen meter. Ik
kan de snelheid nauwelijks boven de 20 km/uur krijgen en pauzeer regelmatig.
Toch vorder ik wel, maar na 5 uur als het weer licht wordt, ben ik maar liefst
50 kilometer verder. 

Met het
ochtendgloren gaat het meteen weer beter. Op dat moment zie ik achter me ook
weer een groep racefietsers aankomen, maar ik kan nu beter opschieten (tussen
de 25 en 30 per uur). Ik verlies de racefietsers ook meteen weer uit het oog.
Om kwart voor 8 ben ik in Groningen en constateer, net als anderen voor mij,
dat het tankstation waar we moeten stempelen verbouwd wordt. Ik maak een foto
als bewijs dat ik er was en ga verder. Ik weet dat er een McDonald’s aan de
westkant van Groningen zit en ga daar maar heen.
Als ik om 8
uur bij die Mac ben, blijkt dat ze pas om 9 uur open gaan. Geen ontbijt dus.
Het fietsen
gaat weer goed en ik weet dat er voor Wartena (C13) weinig mogelijkheden zullen
zijn om eten te krijgen, maar in principe heb ik ook voldoende bij me.
Er komt nu
wel meer wind opzetten, maar het blijft goed fietsweer. Wel heb ik vergeten om
me met zonnebrandcrème te beschermen en ik voel dat ik op de neus, oren en
delen van gezicht flink aan het verbranden ben.
Het is
ongeveer 60 kilometer naar Wartena en om 5 voor 11 ben ik er.
De controle
wordt bemand door Cor van Hooft en Arvid de Jong. Even later komt ook JePe er
bij. Ik neem als ontbijt een paar tosti’s en een bord nasi. Dat gaat er prima
in. Ook vul ik het vochtgebrek wat aan met cola. Een uur later ga ik weer op
pad. De laatste etappe van 93 kilometer.
Ook nu weer gaat
het begin stroef. Het slaaptekort begint weer op te spelen en het tempo zit
rond de 20 km per uur. Pas in de buurt van Heerenveen gaat het beter en kan ik
regelmatig aan de 30 tippen. Ook het wegzakken in gedachten gebeurt nu minder.
Ik neem nog
een paar korte pauzes en vermoed dat ik binnen de 70 uur totaaltijd moet kunnen
blijven.
Om 16:24 (na
68:24 uur) stempel ik voor de laatste maal en krijg de herinnering voor het
feit dat ik de 1200 km heb volbracht. In kom als 8e binnen op een
totaal van 47 deelnemers die de streep halen.
In de
sporthal eet en drink ik nog wat alvorens ik om een uur of 7 naar huis fiets om
het bed op te zoeken.
De volgende
ochtend ben ik al vroeg wakker en neem de tijd om me bij te lezen over wat er
onder andere in de Tour de France gebeurd is. Daarna pak ik de auto en ga langs
het parcours terug om de deelnemers tegemoet te rijden. Lange tijd zie ik
niemand, maar net na Zwartsluis (nog 20 km tot de finish) zie ik een groepje
van Toerclub “De Tol” met ook Jan
Klijnstra en Karel Stroethof
(Amerikaan).

Ik praat wat
met hen en maak wat foto’s. Ondertussen komt Paulus den Boer ook aanfietsen.
Hij had een vergelijkbaar idee en wilde o.a. Robert Lammerts tegemoet fietsen.
Ik ga weer
terug naar de sporthal, waar een relatieve rust heerst. Diverse deelnemers zijn
in de nacht en vroege ochtend gearriveerd en liggen te slapen.
Na
binnenkomst van de twee groepjes zijn er nog 7 deelnemers onderweg. Twee van
hen zijn formeel gestopt en keren terug naar Zwolle. Een maakt de route wel af,
maar zal minimaal vijf uur te laat zijn (en is daarvan op de hoogte).
Jaap Bouman
en Evelien Veerman zijn onderweg van Wartena naar Zwolle en zullen op tijd
finishen. Johann en Corinna Eilers worden halverwege de middag op de controle
verwacht en zullen daarna nog een dag de tijd hebben voor de noordelijke lus.
Dat moet voldoende zijn.
Om 12:20
komen Jaap en Evelien binnen in een eindtijd van 88 uur 20. Johan en Corinna
krijgen de volgende dag een eindtijd van 88 uur 30.