Na wat lossepolsberekeningen van de vermoedelijke doorkomsttijden en een blik op buienradar , zijn Sylvia en ik op onze sporttandem gestapt en richting Oisterwijk/Udenhout gereden om zo mogelijk wat Lowlandshelden tegen te komen. Dat is gelukt. De eerste twee fietsers kwamen we tegen op de weg van Loon op Zand naar Udenhout: Karel Stroethof en een Zweed. Ze maakten geen frisse indruk en waren op zoek naar een snackbar die ze in Udenhout ongetwijfeld hebben gevonden. Kort daarna kwamen we Ben Commandeur tegen, die vertelde dat Jos Verstegen kort achter hem zat. Ben even aan de praat gehouden en daarna Jos tegemoet gereden, die we al enkele minuten later zagen. Vervolgens hebben we de knechtenrol op ons genomen en Jos gegangmaakt om Ben in te halen. Eventuele vermelding in welk book of records ook, kan hij dus gevoegelijk vergeten, maar daar was toch al niet zijn hoogste doel.
Het knechtenwerk van het tandemduo dat die avond al weer thuis onder het dekbed kon kruipen en zich dus niet hoefde te sparen, wierp zijn vruchten af. Nog voor Helvoirt liepen we Ben in. We zijn vervolgens nog een kilometer of vijf met z'n vieren opgefietst, waaarna de tandem weer richting Udenhout koerste. Tijd voor een wit biertje en een sanitaire stop. Sylvia was net afgestapt, toen ik de kenmerkende fietslichtbewegingen meende te zien. Met de tandem nog in de hand zag ik inderdaad een groep randonneurs aankomen: de groep van Leo Foster, met onder andere Jan Klijnstra, Guus van Garante en Mart Voordenhout.
Niet lang daarna, ik had de eerste slokken van een wel heel groot glas wit bier nog nauwelijks op, zag ik Jaap Bouman en Evelien passeren. Ik miste nog de groep van Robert Lammerts, maar ook die liet niet lang op zich wachten met in zijn gezelschap Bjorn en Rob. Robert had wel zin in een colaatje, maar Rob maande tot discipline en doorrijden. Zo moest ik ook die mannen laten gaan. Met pijn in het hart? Ik weet het niet. Wel met het besef met wat voor uitzonderlijke bezigheid we kennelijk behept zijn. Van Jos Versteeg leerde ik nog dat hij zich tijdens deze tocht met name bezig hield met slaapmanagement. Na aankomst in Venlo donderdagochten, wil hij acht uur slapen. Ik zei nog dat ik het op die manier ook kan en dat er zo niets aan is om fris en wel te finishen. Maar die argumenten lachte hij meedogenloos weg. Afzien is dus geen doel op zich en zo hoort het ook.
Rond middernacht kwamen we weer thuis. Onderweg heb ik nog gelobbied dat Sylvia ten minste nog eens een nachtelijke 400 rijdt. Die 70 van gisteren, deels in het donker zijn in elk geval goed bevallen. Wie weet....

Ik hoorde dat Sybren met materiaalpech was uitgevallen. Sneu, hij heeft iedere keer pech. Dit is zijn derde achtereenvolgende grote tocht waarin hij uitvalt. Hopelijk keert het tij voor hem.